Al enige tijd is er sprake van transport schaarste (congestie) op het elektriciteitsnet in Nederland. Dat betekent filevorming op het net waardoor lang niet iedereen aanspraak kan maken op het gewenste gecontracteerde vermogen. Oorzaken hiervan zijn de toenemende elektrificatie, vermindering van gebruik van fossiele energiebronnen en de fors toegenomen productie van hernieuwbare energie, zoals wind- en zonne-energie. Het elektriciteitsnet moet worden uitgebreid, maar dat kost tijd!
Als er ruimte op het elektriciteitsnet vrijkomt dan is het de vraag welke partijen daar aanspraak op kunnen maken. Veelal wordt door netbeheerders het principe van first come, first served gehanteerd.
De Autoriteit consument en Markt (hierna: ACM) heeft met het besluit van 12 april 2024 de Netcode elektriciteit gewijzigd en een prioriteringskader in het leven geroepen bij transportverzoeken.
Dat prioriteringskader houdt, kort samenvat, in dat bij aanvragen om transportcapaciteit voor elektriciteit, bepaalde functies met een groot maatschappelijk belang voorrang krijgen. Het gaat dan om (i) de zogenaamde congestieverzachters, (ii) partijen die de veiligheid dienen, zoals op het terrein van noodhulp, politie, defensie, veiligheidsdiensten, justitie- en gevangeniswezen, waterbeheer en gezondheidszorg en (iii) partijen die voorzien in een basisbehoefte, zoals openbare drinkwatervoorzieningen, onderwijs, woonbehoefte, warmtevoorzieningen en gasnetten. Het voorgaande betekent dat andere partijen langer moeten wachten voordat zij aan de beurt zijn met hun transportverzoeken. ACM had zich bij de indeling van de functies laten leiden door de Europese Verordening Gasleveringszekerheid. Een vergelijkbare regeling is er niet voor elektriciteit.
Tegen het prioriteringsbesluit van ACM hebben verschillende partijen beroep ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (hierna: CBb). Een groot deel van deze partijen zijn het niet eens met de omvang van het prioriteringskader en vinden dat functies waar zijn onder vallen ten onrechte niet zijn meegenomen in het prioriteringskader. Het gaat dan onder andere om de functies telecom, openbaar vervoer, datacenters, afvalbeheer, en stedelijk transport.
Het CBb heeft met de uitspraak van 11 maart 2025 het merendeel van de beroepen gegrond verklaard en geoordeeld dat het besluit van ACM onzorgvuldig is voorbereid en onvoldoende is gemotiveerd. Kernoverweging is dat de functie indeling niet alleen maar kan plaatsvinden op basis van de Europese Verordening Gasleveringszekerheid. Het feit dat bepaalde functies minder of niet afhankelijk zijn van gas, zoals telecom, openbaar vervoer, afvalbeheer, datacenters en stedelijk transport kan geen reden vormen om deze, alleen al hierom, uit te sluiten van het prioriteringskader voor transport van elektriciteit.
ACM moet een nieuw besluit nemen over het prioriteringskader. Het CBb treft wel een voorlopige voorziening dat het huidige prioriteringskader blijft gelden tot 1 januari 2026.
Tot 1 januari 2026 zal dus het huidige door ACM vastgestelde prioriteringskader blijven gelden. Hoe het daarna eruit gaat zien is onduidelijk. Dat geeft onzekerheid in de markt en draagt ook niet bij aan het verminderen c.q. oplossen van de congestieproblematiek op het elektriciteitsnet.
Vragen over deze uitspraak of over congestie in het algemeen kunt u stellen aan Hans Koenders (j.f.koenders@dorhout.nl)
De volledige uitspraak van het CBb is te vinden op: https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:CBB:2025:145